Social return is een voorwaarde in een aanbesteding waarmee de opdrachtgever je vraagt om met een deel van de opdracht werk of ontwikkeling te bieden aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Vaak gaat het om een percentage van de opdrachtwaarde, meestal tussen de 2 en 5%. Je ziet social return vooral bij werken en diensten van grotere omvang. Weet je vooraf hoe de eis werkt, dan kun je hem realistisch begroten en zelfs punten scoren bij de gunning.
In dit artikel lees je wat social return precies inhoudt, welke spelregels gelden en hoe je het stap voor stap in je inschrijving verwerkt.
Wat is social return in een aanbesteding?
Social return (ook wel Social Return on Investment of SROI) is een aanpak om meer werkgelegenheid te creëren voor mensen die minder makkelijk aan het werk komen. Overheden gebruiken hun inkoop om dat doel te bereiken. De winnende inschrijver investeert een deel van de opdracht in kansen voor deze groep.
Social return is geen Europese verplichting. Het aanbestedingsrecht biedt aanbestedende diensten wel de ruimte om sociale voorwaarden te stellen. Veel organisaties hebben hiervoor eigen beleid. De Rijksoverheid past social return volgens haar inkoopbeleid toe bij werken en diensten boven de € 250.000 met een looptijd van minimaal zes maanden. Gemeenten gebruiken het op grote schaal, vaak met eigen percentages en regels.
Social return 1.0 en social return 2.0
De Rijksoverheid onderscheidt twee varianten. Bij social return 1.0 zet je mensen uit de doelgroep in voor 5% van de opdrachtwaarde. Het gaat om extra werk(ervarings)plaatsen binnen de uitvoering van de opdracht zelf. Bij social return 2.0 heb je meer vrijheid. De invulling mag direct of indirect met de opdracht verbonden zijn en er geldt geen vast percentage. De Rijksinkoopsamenwerking (RIS) hanteert standaard social return 2.0. Enkele ministeries leggen de drempel lager, bijvoorbeeld vanaf € 140.000 of zelfs € 50.000.
Voor wie is social return relevant?
Social return raakt iedereen die inschrijft op opdrachten met een stevige arbeidscomponent. Denk aan bouw- en infrabedrijven, schoonmaak, groenonderhoud, catering, facilitaire dienstverlening en ICT-dienstverleners met grote projecten. Ook tendermanagers en bidmanagers hebben ermee te maken: zij moeten de eis vertalen naar een haalbaar plan en een kloppende prijs.
Bij leveringen zie je social return zelden. De directe arbeidscomponent is daar vaak klein.
Welke doelgroepen tellen mee?
De opdrachtgever bepaalt de doelgroep in de aanbestedingsdocumenten. De Rijksoverheid noemt onder meer:
- Mensen met een uitkering op grond van de Participatiewet.
- WW-gerechtigden die langer dan twaalf maanden werkloos zijn en/of 50 jaar of ouder zijn.
- Mensen met een WIA-, WGA-, WAZ-, IOAW- of IOAZ-uitkering.
- Niet-uitkeringsgerechtigde werkzoekenden.
- Vroegtijdig schoolverlaters en jongeren met onvoldoende kwalificaties.
- Leerlingen in BOL/BBL-opleidingen, het VSO of het praktijkonderwijs.
Gepensioneerden en mensen die al betaald werk hebben, vallen er in de regel buiten. Controleer de definitie in de leidraad, want gemeenten wijken soms af.
Hoe neemt de opdrachtgever social return op in de tender?
De manier waarop social return in de documenten staat, bepaalt wat je moet doen en wanneer. Lees deze passage daarom net zo zorgvuldig als de overige eisen in tenderdocumenten.
Als uitvoeringsvoorwaarde of minimumeis
Dit is de meest gebruikte vorm. De opdrachtgever legt een verplichting op, bijvoorbeeld een percentage van de opdrachtsom, de loonsom of een aantal arbeidsuren. Je voldoet aan de eis door je inschrijving, en voert de afspraak uit na gunning. Soms lever je al bij de inschrijving een plan van aanpak in. Soms volgt dat plan pas na gunning, of werk je de invulling samen met de opdrachtgever uit.
Als subgunningscriterium
Social return kan ook meewegen in de beste prijs-kwaliteitverhouding. De opdrachtgever geeft dan meer punten voor een hoger percentage of voor een beter plan van aanpak. Een combinatie komt ook voor: een minimumeis als ondergrens, met extra punten voor wie meer biedt. Wat je toezegt, wordt in de regel onderdeel van het contract.
Overige routes: geschiktheidseis en uitsluitingsgrond
Minder vaak stelt de opdrachtgever een geschiktheidseis, bijvoorbeeld aan de deskundigheid om kandidaten te begeleiden. Daarnaast kan slecht nakomen van social return bij eerdere opdrachten een rol spelen via de facultatieve uitsluitingsgrond voor ernstige tekortkomingen. Dat vraagt wel om een eerdere sanctie, zoals ontbinding of schadevergoeding.
Welke spelregels gelden voor social return?
Social return moet passen binnen de algemene beginselen van het aanbestedingsrecht: non-discriminatie, transparantie, objectiviteit en proportionaliteit.
Relatie met het voorwerp van de opdracht
De inzet van de doelgroep moet verband houden met de opdracht. Bouw je een brug, dan telt meebouwen, verkeersregelen op de bouwplaats of de projectadministratie mee. Algemene administratie op je hoofdkantoor die niets met de brug te maken heeft, telt bij een strikte uitvraag niet. Bij social return 2.0 is er meer ruimte voor indirecte invulling, maar alleen als de opdrachtgever dat toestaat.
Proportionaliteit en drempels
De opdrachtgever moet per opdracht afwegen of social return proportioneel is. Bij kleine opdrachten met een lage loonsom kan een social return-eis te zwaar zijn. Ook mag een gemeente je niet verplichten om uitsluitend inwoners uit die gemeente in dienst te nemen. Vind je een eis disproportioneel? Stel dan een vraag in de nota van inlichtingen.
Wettelijk kader. Social return is niet als zelfstandige plicht in de Aanbestedingswet 2012 opgenomen. Wel gelden de algemene beginselen en het proportionaliteitsbeginsel. Artikel 2.82 biedt daarnaast de mogelijkheid om opdrachten voor te behouden aan sociale werkplaatsen en ondernemingen waarvan ten minste 30% van de werknemers een arbeidsbeperking heeft of kansarm is. Meer achtergrond vind je in de visie op social return van PIANOo.
Zo kun je social return invullen
Een vaste baan voor een kandidaat uit de doelgroep heeft de meeste waarde. Dat lukt niet in elke opdracht. Daarom accepteren veel opdrachtgevers ook andere invullingen:
- Een (tijdelijke) baan aanbieden, inclusief begeleiding op de werkvloer.
- Een leerwerkplek, stage of opleiding aanbieden.
- Trainingen geven, zoals taal- of sollicitatietrainingen, of kandidaten coachen.
- Inkopen bij een sociale onderneming of sociale werkplaats.
- Een sociale ondernemer ondersteunen of met hem samenwerken.
- Maatschappelijke activiteiten uitvoeren, zoals gastlessen op een school.
Het uitgangspunt is maatwerk. Je kiest een invulling die past bij je organisatie, zolang de afstand tot de arbeidsmarkt voor de doelgroep kleiner wordt. Je moet wel kunnen onderbouwen welke nieuwe impact je invulling oplevert.
Hoe wordt je inspanning gewaardeerd?
Veel gemeenten werken met de bouwblokkenmethode. Elke activiteit krijgt dan een vaste waarde in euro’s. Jij stelt een pakket samen dat optelt tot het afgesproken bedrag. Andere opdrachtgevers rekenen met werkelijke kosten, zoals salaris- en begeleidingskosten, of met vaste uurtarieven. De RIS werkt niet met bouwblokken, maar zoekt samen met de leverancier naar de invulling met de meeste impact. Instrumenten zoals de Prestatieladder Socialer Ondernemen (PSO) maken je sociale prestaties zichtbaar. Of een PSO-trede meetelt, verschilt per opdrachtgever.
Praktijkvoorbeeld: social return in een schoonmaakopdracht
Een gemeente besteedt de schoonmaak van haar kantoren aan voor drie jaar. De geraamde waarde is € 600.000. De leidraad vraagt 5% social return als uitvoeringsvoorwaarde, gewaardeerd met bouwblokken. Je verplichting is dus € 30.000 aan social return-waarde over de looptijd.
Een realistische invulling kan er zo uitzien: je biedt een BBL-leerling een leerwerkplek met een vaste werkbegeleider. Daarnaast plaats je een kandidaat met een Participatiewet-uitkering op een proefplaatsing die doorloopt naar een contract. Het restant vul je in door bedrijfskleding af te nemen bij een sociale onderneming. Je begroot de begeleidingsuren en de administratie in je prijs. Zo voorkom je dat social return je marge ongemerkt opeet.
Tip van de expert: neem vóór de inschrijving contact op met het werkgeversservicepunt of de social return-adviseur van de opdrachtgever. Zij weten welke kandidaten beschikbaar zijn en welke invullingen in de regio goed werken. Dat maakt je plan concreter en geloofwaardiger.
Stappenplan: social return in je inschrijving
- Signaleer de eis vroeg. Kijk bij je go/no-go al of social return in de stukken staat, en in welke vorm. Met TenderSignal volg je relevante opdrachten en heb je de tenderdocumenten sneller in beeld.
- Lees de spelregels. Noteer het percentage, de grondslag (opdrachtsom of loonsom), de doelgroep, de toegestane invullingen en de waarderingsmethode.
- Reken de verplichting door. Vertaal het percentage naar een bedrag en naar concrete activiteiten. Begroot ook begeleiding, opleiding en administratie.
- Kies je invulling. Combineer zo nodig directe inzet met sociaal inkopen of scholing. Kijk welke activiteiten binnen de opdracht passen.
- Schakel partners in. Denk aan het werkgeversservicepunt, UWV, sociale ondernemingen of re-integratiepartners.
- Schrijf een toetsbaar plan van aanpak. Maak het SMART: wie, hoeveel, wanneer en met welke begeleiding. Sluit aan op de beoordelingscriteria uit de leidraad.
- Stel vragen in de nota van inlichtingen. Is iets onduidelijk of te zwaar? Vraag het tijdig na.
- Richt monitoring in. Leg vanaf de start vast wie je inzet en wat het oplevert. Veel opdrachtgevers vragen rapportages via een digitaal systeem.
Veelgemaakte fouten bij social return
- Een onrealistisch hoog percentage beloven om punten te scoren, zonder dat je de uitvoering kunt waarmaken.
- Bestaand personeel opvoeren, terwijl de opdrachtgever om extra inzet vraagt.
- Activiteiten inzetten die geen relatie hebben met de opdracht, terwijl de leidraad dat wel eist.
- Social return niet meenemen in je prijs, waardoor je marge krimpt.
- Pas na gunning nadenken over kandidaten en begeleiding.
- Geen administratie bijhouden, zodat je je inspanningen later niet kunt aantonen.
- Bestaande medewerkers laten verdringen door kandidaten uit de doelgroep.
Let op: niet nakomen kan gevolgen hebben. Denk aan een boeteclausule, ontbinding wegens wanprestatie of een negatieve referentie bij heraanbestedingen van dezelfde opdrachtgever.
Samenvatting
Social return vraagt je om een deel van de opdracht te investeren in mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De opdrachtgever neemt het op als uitvoeringsvoorwaarde, minimumeis, gunningscriterium of een combinatie. De eis moet proportioneel zijn en meestal verband houden met de opdracht. Wie de eis vroeg signaleert, goed doorrekent en een concreet plan opstelt, maakt van social return een kans in plaats van een risico. Wil je vaker opdrachten vinden die bij je passen? Lees dan hoe je passende aanbestedingen vindt.
Veelgestelde vragen over social return
Is social return verplicht in elke aanbesteding?
Nee. Social return is geen wettelijke plicht voor aanbestedende diensten. Het hangt af van het inkoopbeleid van de opdrachtgever en de aard van de opdracht. De Rijksoverheid past het toe bij werken en diensten boven € 250.000 met een looptijd van minimaal zes maanden. Sommige ministeries en gemeenten hanteren lagere drempels.
Hoe hoog is het social return-percentage meestal?
In de praktijk ligt het vaak tussen de 2 en 5% van de opdrachtsom. In sectoren met veel praktijkgericht werk, zoals schoonmaak, groen en catering, kan het hoger liggen. Bij korte of zeer specialistische opdrachten ligt het meestal lager.
Mag ik bestaand personeel meetellen voor social return?
Meestal niet. Social return draait om extra kansen die door de opdracht ontstaan. Sommige opdrachtgevers waarderen wel je bestaande sociale beleid, bijvoorbeeld via de Prestatieladder Socialer Ondernemen. Controleer daarom de spelregels in de leidraad.
Wat is het verschil tussen social return 1.0 en 2.0?
Bij social return 1.0 zet je mensen uit de doelgroep in voor 5% van de opdrachtwaarde, binnen de uitvoering van de opdracht. Social return 2.0 is vrijer: de invulling mag ook indirect zijn en er geldt geen vast percentage. De opdrachtgever bepaalt welke variant geldt.
Wat gebeurt er als ik de social return-verplichting niet nakom?
Dat hangt af van het contract. Veel contracten bevatten een boeteclausule. Ontbinding wegens wanprestatie is ook mogelijk. Een opgelegde sanctie kan bovendien later een rol spelen als facultatieve uitsluitingsgrond bij nieuwe aanbestedingen.
Kan ik social return invullen door in te kopen bij een sociale onderneming?
Bij veel opdrachtgevers wel. Sociaal inkopen bij sociale werkplaatsen of sociale ondernemingen is een gangbare invulling. De opdrachtgever bepaalt welke ondernemingen meetellen en hoeveel die inkoop waard is.
Telt social return mee bij de gunning?
Alleen als de opdrachtgever het als (sub)gunningscriterium opneemt. Dan krijg je punten voor een hoger percentage of een sterker plan van aanpak. Staat social return alleen als uitvoeringsvoorwaarde in de stukken, dan geldt het als verplichting na gunning en levert het geen extra punten op.

